Kenniscentrum

Het belang van water voor varkens

18 november 2019

Water is het hoofdbestanddeel van elk organisme, dus ook van varkens. Water is in feite de belangrijkste voedingsstof die varkens tijdens hun leven consumeren. Varkens hebben water om diverse redenen nodig. Water stuurt stofwisselingsprocessen aan, houdt de lichaamstemperatuur op peil, transporteert voedingsstoffen naar weefsels, voert afvalstoffen af, bevordert de melkproductie en draagt natuurlijk bij aan groei en productie. Het is dan ook geen verrassing dat direct beschikbaar schoon drinkwater van essentieel belang is voor de gezondheid en het welzijn van varkens.

 

Varkens krijgen het meeste water binnen door te drinken. Een pasgeboren big bestaat voor ongeveer 80% uit water, een volwassen dier voor ongeveer 50%. Een varken kan bijna al zijn vet en de helft van zijn eiwitten verliezen en nog steeds blijven leven. Maar als het een tiende van zijn vochtgehalte verliest, gaat het dood. Water is dus voor elk varken van levensbelang. Het juiste evenwicht tussen voedsel- en waterinname is daarom essentieel. Voeding en groei vertonen een sterke samenhang met het drinkgedrag. Elke factor die de waterconsumptie laat verminderen of hindert, leidt tot vertraagde groei van het varken.

 

Gezondheid

Een ziek varken zal minder drinken. Waterconsumptie is dan ook een duidelijke indicator voor de gezondheid van varkens. Als uit interne gegevens blijkt dat er een paar dagen achter elkaar minder water is verbruikt, of wanneer er op één dag 30% minder water wordt gedronken, dan is dat een goede aanwijzing voor gezondheidsproblemen. Als varkens minder drinken, eten ze ook minder en nemen de groei en de melkproductie af.

Sommige varkenshouders bieden minder voedsel of water aan, wat de gezondheid van varkens kan beïnvloeden. Als er minder voedsel wordt aangeboden gaat het dier meer water drinken omdat het zijn buik wil vullen. Maar als de varkenshouder veel varkens houdt of wanneer de watertoevoer opzettelijk beperkt wordt, kan meer drinken een probleem worden. Een zorgvuldig beleid op dit gebied is dan ook zeer belangrijk.

 

Afgifte, druk en beschikbaarheid van water

Varkens drinken gedurende de dag volgens een vast patroon. Op piektijden in de waterconsumptie moeten er genoeg drinknippels en drinkbakken beschikbaar zijn, zodat alle varkens zoveel kunnen drinken als ze willen. Ook is het verstandig om regelmatig te controleren of elke nippel wel goed werkt. Daarnaast helpt testen van het water ziekten en gezondheidsproblemen te voorkomen.

Varkenshouders moeten het drinksysteem aanpassen aan de behoeften van de varkens in hun stal. Dit kan op verschillende manieren gebeuren. Het belangrijkst is dat de dieren in elk hok voldoende water krijgen. De juiste afstelling van de waterafgifte uit elke drinknippel voorkomt verspilling en zorgt ervoor dat varkens nooit zonder water zitten. Omdat een te hoge of te lage waterafgifte en/of waterdruk de waterinname verminderen, moet elk drinkpunt juist zijn afgesteld.

Voor een big of een gespeend varken is een waterstroom van 0,4 tot 0,6 liter per minuut nodig. Voor een mestvarken, beer of zeug is een waterstroom van 0,8 tot 1 liter per minuut nodig. Kraamzeugen hebben tot 2,7 liter per minuut nodig. Dankzij de speciaal ontworpen Impex Eco-doorlaat, is de waterafgifte uit de nippels altijd optimaal en constant. Voor varkens is gemakkelijke toegang tot een drinknippel met een waterafgifte die niet te hoog of te laag is, van groot belang omdat ze anders niet meer willen drinken. Bovendien is de juiste waterafgifte kostenefficiënt omdat er minder water of medicijnen verspild worden.

 

De juiste hoogte

Een andere belangrijke factor voor maximale waterinname is de juiste hoogte van de drinknippel. Als de drinknippel te laag hangt, drinkt het varken wel maar niet zoveel hij wil of nodig heeft omdat drinken te veel inspanning kost. Dat is weer van invloed op de voedselinname en de groei. Idealiter zouden de drinkbakken net boven de schofthoogte van de varkens moeten hangen.

 

'Luie' varkens

Water is ook van essentieel belang om af te koelen. Omdat varkens snel oververhit kunnen raken neemt de drinkbehoefte toe als het warm is. Meer water drinken in combinatie met meer plassen is voor het varken een effectieve manier om lichaamswarmte kwijt te raken. Als de omgevingstemperatuur van 12⁰C tot 35⁰C stijgt, neemt de waterinname met 50% toe. Onderzoek toont aan dat varkens bijna twee keer zoveel koel water (10⁰C) als warm water (25⁰C) drinken.

Bij hoge temperaturen worden varkens snel lui. Op warme dagen kunnen varkenshouders deze 'luie' zeugen aanmoedigen om op te staan en te drinken door de drinknippel op de juiste hoogte te hangen en schoon en koel water aan te bieden.

 

Water is een cruciale voedingsstof die vaak over het hoofd wordt gezien. Dat heeft aanzienlijke gevolgen voor elke fase van het productieproces van varkensvlees. Voor varkens is het van essentieel belang dat water de optimale temperatuur heeft, en gemakkelijk toegankelijk en in de juiste hoeveelheden beschikbaar is. Zo kun je als varkenshouder de productie en winst maximaliseren.